Naslag · SI

SI-eenheden

Het Internationaal Stelsel van Eenheden (SI) is sinds 1960 het standaardstelsel voor metingen in de wetenschap en techniek. Het kent zeven basiseenheden waaruit alle andere — de zogeheten afgeleide eenheden — kunnen worden samengesteld.

De zeven basiseenheden

Basiseenheden van het SI-stelsel
GrootheidEenheidSymbool
Lengtemeterm
Massakilogramkg
Tijdsecondes
Elektrische stroomampèreA
TemperatuurkelvinK
Stofhoeveelheidmolmol
Lichtsterktecandelacd

Sinds 2019 zijn alle basiseenheden gedefinieerd via vaste natuurconstanten — zoals de lichtsnelheid voor de meter en de constante van Avogadro voor de mol.

Belangrijke afgeleide eenheden

Veel gebruikte afgeleide eenheden
GrootheidEenheidSymboolIn basiseenheden
KrachtnewtonNkg·m/s²
Energie, arbeidjouleJN·m = kg·m²/s²
VermogenwattWJ/s
DrukpascalPaN/m²
FrequentiehertzHz1/s
LadingcoulombCA·s
SpanningvoltVW/A = kg·m²/(A·s³)
WeerstandohmΩV/A
CapaciteitfaradFC/V
Magnetische fluxweberWbV·s
Magnetische fluxdichtheidteslaTWb/m²

SI-voorvoegsels

Decimale voorvoegsels
VoorvoegselSymboolFactor
teraT10¹²
gigaG10⁹
megaM10⁶
kilok10³
hectoh10²
decada10¹
decid10⁻¹
centic10⁻²
millim10⁻³
microµ10⁻⁶
nanon10⁻⁹
picop10⁻¹²

Tips voor goed gebruik

  • Schrijf het cijfer en de eenheid altijd met een spatie ertussen: 9,81 m/s², niet 9,81m/s².
  • Eenheden vernoemd naar personen krijgen een hoofdletter in het symbool (N, J, W, V, Pa) maar een kleine letter in de naam (newton, joule, watt).
  • Combineer geen voorvoegsels: 10⁻⁶ m is 1 µm, niet 1 mµm.